Publicatie

Neem het zekere voor het onzekere

Bijdrage van de SWOV aan de opstelling van het Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2007-2020

Auteur(s)

Wegman, Ir. F.C.M.

Jaar

2007

Downloaden

PDF icon pdf (602.5 KB)

Het jaarlijkse aantal verkeersslachtoffers is de laatste decennia aanzienlijk gedaald in ons land, en Nederland behoort inmiddels tot de groep van veiligste landen in de wereld. Toch bestaat er in ons land nog steeds de ambitie om de aantallen slachtoffers verder te reduceren. Het Ministerie van Verkeer en Waterstaat is voornemens een Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2007-2020 aan de Tweede Kamer aan te bieden, waarin naar verwachting een nieuwe doelstelling voor 2020 zal worden gepresenteerd, evenals de manier waarop die doelstelling is te bereiken. Deze rapportage beoogt een bijdrage te leveren aan het op te stellen Strategisch Plan Verkeersveiligheid. Kennis en inzichten van de SWOV zijn hier samengevat. Dit rapport wil inspiratie bieden aan degenen die het Strategisch Plan Verkeersveiligheid opstellen, daarop invloed uitoefenen en daar uiteindelijk over beslissen. Inmiddels heeft minister Eurlings in een brief aan de Tweede Kamer (d.d. 31 mei 2007) drie pijlers gedefinieerd voor het Nederlandse verkeersveiligheidsbeleid: samenwerking, integrale aanpak en Duurzaam Veilig. De SWOV ondersteunt deze drie pijlers en geeft in deze nota daaraan een nadere uitwerking. Een belangrijk gevolg van de verbetering van de verkeersveiligheid in de laatste decennia, is dat de verkeersonveiligheid zich, op een enkele uitzondering na, steeds 'diffuser' manifesteert. De top is bedwongen omdat, zo lijkt het wel, op allerlei gebieden de meest schrijnende problemen zijn aangepakt en (gedeeltelijk) zijn opgelost. Wat overblijft is een probleem dat ontdaan is van zijn scherpste kanten, waar de meest voor de hand liggende verbeteringsmogelijkheden zijn benut, en waar verdere verkeersveiligheidswinst op minder vanzelfsprekende terreinen en op minder orthodoxe manieren gevonden zal moeten worden. Het steeds diffusere karakter van het verkeersveiligheidsprobleem vraagt dus een andere aanpak dan in het verleden. Er is een verschuiving in ons denken geboden. De SWOV meent met de Duurzaam Veilig-visie een passend antwoord gevonden te hebben, en steun hiervoor vanuit het buitenland sterkt ons in deze gedachte. De toekomstige aanpak van de verkeersonveiligheid in ons land is volgens deze visie een proactieve en integrale aanpak gericht op het inherent onveilige karakter van het wegverkeer vanuit 'de mens de maat der dingen'. Binnen deze aanpak zal er ook aandacht moeten zijn voor enkele specifieke problemen voortkomende uit (mensgebonden) risicoverhogende factoren. Het is zaak alleen die maatregelen te nemen waarvan aan de hand van kennis aannemelijk is te maken dat ze het aantal slachtoffers reduceren: neem het zekere voor het onzekere. Realistische doelen zijn alleen te formuleren op basis van kennis. De voorgestelde aanpak vereist substantiële inspanningen van de samenleving, overheid, maatschappelijke organisaties en burgers. Die inspanningen zijn de moeite waard in economische en in maatschappelijke zin doordat daarmee veel onnodig maatschappelijk leed wordt voorkomen. Passend in de visie Duurzaam Veilig wordt voorgesteld met voorrang bepaalde vraagstukken aan te pakken: snelheidsbeheersing, ongevallen met gemotoriseerd verkeer op 80km/uur-wegen, botsingen tussen snel en langzaam verkeer, jonge en onervaren weggebruikers, ongevallen met zwaar verkeer en alcohol en drugs. In de SWOV-publicatie Door met Duurzaam Veilig is een groot aantal aanbevelingen gedaan. Evenals bij de start van Duurzaam Veilig beveelt de SWOV de verschillende overheidsgeledingen aan om enkele pilotprojecten op te zetten en hierin een concrete uitwerking te geven aan alle principes uit Door met Duurzaam Veilig. Dat was mogelijk met Duurzaam Veilig, en in het bijzonder het Startprogramma Duurzaam Veilig, in de afgelopen vijftien jaar. Dat werk is nog niet klaar en verdient voortzetting. Meer veiligheid zal vooral bereikt kunnen worden door de uitvoering van bestaande maatregelen te verbeteren en te intensiveren, en daarnaast innovatief beleid te ontwikkelen. De SWOV stelt voor afscheid te nemen van de praktijk van de laatste jaren, waarin het verkeersveiligheidsbeleid in Nederland wat gefragmenteerd is geraakt en eigenlijk bestond uit een aaneenschakeling van relatief opzichzelfstaande maatregelen en activiteiten. Samenhang (in analyse) en samenwerking (in aanpak) zijn daarvoor noodzakelijk. Het motto van de Nota Mobiliteit 'decentraal wat kan, centraal wat moet' vergt daartoe een nieuwe invulling, onder andere ertoe leidend dat het Ministerie van Verkeer en Waterstaat (weer) een regierol gaat vervullen. Onder bepaalde voorwaarden kunnen extra financiële middelen de verbetering van de verkeersveiligheid versnellen, en aanbevolen wordt om, naast een verbetering van de kwaliteit van het beleid, deze versnelling na te streven. De SWOV acht het mogelijk dat een aangescherpte doelstelling voor 2020 (tot maximaal 500 doden) haalbaar is, mits aanvullende maatregelen uitgevoerd worden. Desgevraagd heeft de SWOV zich gebogen over de vraag wat nog te ondernemen nadat er een situatie is ontstaan van maximaal 500 verkeersdoden per jaar. Aannemende dat de toekomstige ontwikkelingen zich laten afleiden uit huidige trends, wordt voorgesteld een aanpak vanuit verschillende invalshoeken verder uit te werken en te bediscussiëren in de samenleving. Deze benaderingswijzen zijn samen te vatten als: goed onderhoud van wat we al bereikt hebben in ons land en wat Nederland al tot een relatief veilig land gemaakt heeft; afstand doen van de incidentele, weinig transparante en ook wat vrijblijvende aanpak die het beleid van beheerders/eigenaren van (onderdelen van) het verkeerssysteem kenmerkt; en tevens en tegelijkertijd bereid zijn om bestaande individuele vrijheden van de weggebruiker verder in te perken en op deze wijze het inherent onveilige karakter stap voor stap elimineren. Steeds belangrijker wordt een generieke, op het systeem gerichte aanpak, met daarbinnen aandacht voor enkele specifieke (risicoverhogende) problemen. Het draagvlak voor deze aanpak in de bevolking en in de politiek — nationaal, regionaal en lokaal — moet verworven worden en maatschappelijke organisaties hebben hierbij een belangrijke rol.

Better safe than sorry; SWOV's contribution to the Strategic Road Safety Plan 2007-2020 During the last few decades, the number of traffic casualties in the Netherlands has decreased considerably and, as a result, the Netherlands has become one of the safest countries in the world. Nevertheless, we still have the ambition to further reduce the number of casualties. The Minister of Transport intends to offer Parliament a Strategic Road Safety Plan 2007-2020, in which we expect a new target for 2020 to be presented, as well as how the target is to be realized. This report aims to make a contribution to this Strategic Road Safety Plan. SWOV's knowledge and views are summarized in this report. It wants to inspire the compilers of the Strategic Road Safety Plan, those who influence it and those who ultimately decide. In his letter to Parliament of 31 May 2007 the Dutch Minister of Transport has defined three cornerstones for Dutch road safety policy: cooperation, integrated approach, and Sustainable Safety. SWOV supports these three cornerstones and will further elaborate on them in this study. An important consequence of the road safety improvement of the last decades is that the road safety problems, with some exceptions, have become a lot more 'diffuse'. The most harrowing problems in many areas have been dealt with and (partially) solved. What remains now is a problem that has lost its roughest edges, where the most obvious possibilities for improvement have been employed, and where further gains will need to be sought and found in less obvious areas and in less orthodox ways. The road safety problems becoming more diffuse therefore requires a different approach than in the past; a shift in our way of thinking is necessary. It is SWOV's opinion that a fitting answer has been found in the Sustainable Safety vision, and international support strengthens us in this idea. In this vision, the future approach of road safety in the Netherlands is a proactive and integrated approach which focuses on the inherently unsafe character of road traffic from the philosophy that 'man is the measure of all things'. A number of specific problems emanating from human-related risk-increasing factors must also be embedded in this approach. It is essential that only those measures are taken which, based on our knowledge, can reasonably be expected to reduce the number of casualties: it is better to be safe than sorry. Realistic goals can only be formulated when they are based on knowledge. The suggested approach requires substantial efforts from society, government, social organizations, and citizens/road users. These efforts are economically and socially worthwhile because they prevent a lot of unnecessary social suffering. In accordance with the Sustainable Safety vision, we propose that the following problems are given priority: speed management, crashes with motorized vehicles on 80 km/h roads, crashes between 'fast traffic' (cars, motorcycles, lorries, and buses) and 'slow traffic' (mopeds, bicycles, and pedestrians), young and novice drivers, crashes with heavy goods vehicles, and alcohol and drugs. SWOV's publication entitled Advancing Sustainable Safety contains many recommendations. As was done in the initial phase of Sustainable Safety, SWOV recommends the various tiers of government to carry out pilot projects in which they make concrete all five principles from Advancing Sustainable Safety. In the past fifteen years, this has proven to be successful with Sustainable Safety and, in particular, the Start-up Programme Sustainable Safety. That work has not yet been completed and needs to be continued. Greater safety will especially be realized by improving and intensifying the implementation of existing measures, and, in addition, by developing innovative policy. SWOV recommends leaving the past behind us. The past in which road safety policy in the Netherlands has become rather fragmented and actually only consisted of a sequence of relatively isolated measures and activities. Now 'coherence in analysis' and 'cooperation in approach' are necessary. This requires a new interpretation of the motto of the Mobility Policy Document: 'decentralize what can be centralized, centralize what must be centralized'. One of the consequences will be that the Ministry of Transport will (once more) be a lead agency. Under certain conditions, extra financial means can accelerate the road safety improvements. We recommend pursuing this acceleration in addition to improving policy quality. For 2020 SWOV deems it possible to achieve a sharpened target of a maximum of 500 deaths, provided that additional measures are implemented. SWOV was requested to answer the question of what to embark on when a situation of an annual maximum of 500 deaths has been achieved. Assuming that future developments can be inferred from the current trends, we propose further elaborating an approach along different lines and discussing this with society. These lines of approach can be summarized as follows: proper maintenance of all that we have achieved in this country and which has made the Netherlands a relatively safe country; to leave behind the incidental, not very transparent, and also rather noncommittal approach that characterizes the policy of authorities/owners of (parts of) the traffic system; and, finally, also simultaneously be prepared to further diminish the current individual freedom of the road user so as to eliminate road traffic's inherent unsafe character step by step. A generic, system focussed approach which targets a number of specific (risk-increasing) problems will be increasingly important. Support for this approach must be obtained from the population and the national, regional, and local governments; social organizations will play an important role in winning this support.

Print this page