Publicatie

Ontwikkelingen in parkomvang en onveiligheid bestelauto's

Een verkenning binnen het thema Voertuigveiligheid van het SWOV-jaarprogramma 2000-2001

Auteur(s)

Schoon, Ing. C.C.

Jaar

2001

Downloaden

PDF-pictogram pdf (663.5 KB)

In het kader van het onderzoeksprogramma 2000-2001 van de SWOV, thema Voertuigveiligheid, is onderzoek verricht naar de verkeersveiligheid van bestelauto's. Aangezien het aantal slachtoffers in ongevallen met bestelauto's over de periode 1991 - 1999 met 25% is toegenomen, was nader onderzoek naar deze categorie voertuigen gewenst. In deze studie worden de ontwikkelingen die een rol kunnen spelen in de toename van het aantal slachtoffers verkend. Daarnaast worden reeds voorgestelde maatregelen geïnventariseerd. De volgende onderwerpen worden behandeld: -bevindingen en conclusies van gerapporteerd recent SWOV-onderzoek; -de ontwikkeling van de expositie (park en gebruik); -de ontwikkeling in onveiligheid (slachtoffers onder inzittenden van bestelauto's en onder de tegenpartij); -gerichte analyse van ongevalsmanoeuvres en de toedracht van ongevallen; -maatregelen op het gebied van veiligheid van bestelauto's in het Nationaal Verkeers- en Vervoersplan; -maatregelen voorgesteld door de SWOV; -een beschrijving van aandachtspunten voor beleid en onderzoek. De benaming ‘bestelauto' wordt gebruikt voor een bijzonder heterogene groep voertuigen zoals bestelbusjes (38%), personenauto's met grijs kenteken (21%), jeeps/pick-ups (15%), stationcars (13%). Tussen haakjes is hun aandeel in de ongevallenstatistiek 1993/1994 opgenomen. Deze cijfers zijn gebaseerd op een SWOV-onderzoek uit 1996. Het aandeel slachtoffers ten gevolge van ongevallen met bestelauto's was in 1999 12% van het totale aantal slachtoffers. Verdeeld naar slachtoffers onder inzittenden van bestelauto's en slachtoffers onder de tegenpartij van bestelauto's waren de aandelen respectievelijk 4en 8%. Zowel het park en het aantal reizigerskilometers als het aantal slachtoffers zijn over de periode 1991-1999 fors gegroeid (park +43%; reizigerskm's +53%; slachtoffers +25%). Omdat het aantal reizigerskilometers meer is toegenomen dan het aantal slachtoffers, daalde het risicocijfer. Deze daling was groter dan de daling van het risicocijfer van personenauto's. Door de grote massa en de vormgeving van bestelauto's vallen relatief veel slachtoffers onder de volgende tegenpartijen: inzittenden van personenauto's (aandeel 43%), fietsers (20%) en bromfietsers (17%). Onder de tegenpartij vallen tweemaal zoveel slachtoffers als onder eigen inzittenden. Binnen de bebouwde kom zelfs vijfmaal zoveel vanwege de grotere betrokkenheid van kwetsbare verkeersdeelnemers. Voor een betere bepaling van de verkeersonveiligheid van bestelauto's wordt aanbevolen een gericht ongevallenonderzoek uit te voeren waarbij ongevallengegevens aan voertuiggegevens worden gekoppeld. Dit maakt het mogelijk de onveiligheid van sub-categorieën van bestelauto's te onderzoeken en maatregelen ter verbetering van de veiligheid voor te stellen. Om de risico's voor deze sub-categorieën te bepalen, dienen expositiegegevens met dezelfde verdeling verzameld te worden.

Developments in the number of vehicles and safety of delivery vans: an exploration within the Vehicle Safety theme of the SWOV research programme 2000-2001 Within the framework of SWOV's research programme 2000-2001 (Vehicle Safety theme), research was carried out into the safety of delivery vans. Further research into this vehicle type was necessary because the number of victims of accidents with vans increased by 25% during the period 1991-1999. In this study the developments which could play a part in this increase were explored. Apart from this, an inventory of the measures already recommended was made. The following subjects were dealt with: -results and conclusions of recent, published SWOV research; -development of exposure (vehicle numbers and kilometres travelled); -development of victims among the occupants of vans and their crash opponents; -specific analysis of accident manoeuvres and their course; -delivery van measures in the National Traffic and Transport Plan; -measures proposed by SWOV; -description of points of attention for policy and research. The name ‘delivery van' is used for a very heterogeneous group of vehicles such as mini-buses (38%), cars with a so-called ‘grey number plate' (21%), jeeps/pick-ups (15%), and station cars (13%). The percentages in brackets are the shares in the accident statistics 1993/1994, and are based on SWOV research in 1996. In 1999, the share of victims of accidents with vans was 12% of all victims; 4% were occupants of vans and 8% were occupants of crash opponents. During the period 1991-1999 the numbers all increased considerably: of vans (+ 43%), of kilometres travelled (+ 53%), and of victims (+ 25%). The risk (per kilometre travelled) declined because the number of kilometres travelled increased more than the number of victims. This risk reduction was greater than for cars. The large mass and the shape of vans results in relatively many victims among the following crash opponents (with their respective shares): car occupants (43%), cyclists (20%), and moped riders (17%). There are twice as many victims among the crash opponents as among van occupants. On urban roads this is five times as many because of the larger numbers of vulnerable road users involved. To obtain a better determination of the road safety of vans, it is recommended that a specific accident analysis be carried out. This should involve the linking of accident numbers and vehicle data. This will make it possible to study the safety of van sub-categories, and to propose measures to increase safety. In order to determine the risks for these sub-categories, it is necessary that the exposure and the vehicle data both have the same sub-categories.

Print this page
rapport

Rapportnummer

R-2001-33

Pagina's

30 + 18 blz.

Gepubliceerd door

SWOV, Leidschendam