Publicatie

Ernstig verkeersgewonden in de jaren 2009 en 2010

Update van de cijfers

Auteur(s)

Reurings, M.C.B.; Bos, N.M.

Jaar

2012

Downloaden

PDF-pictogram pdf (1.04 MB)

Eind 2011 is de SWOV op verzoek van het Directoraat-Generaal Mobiliteit gestart met het schatten van het aantal ernstig verkeersgewonden in 2009 en 2010. Het eerder in 2011 gepubliceerde aantal voor 2009 was een voorlopig aantal (Reurings & Bos, 2011). De reden hiervoor was dat het bestand 2010 van de Landelijke Medische Registratie (LMR) nog niet beschikbaar was, waardoor er geen gegevens waren van de ernstig verkeersgewonden die in 2009 vanwege een ongeval in het ziekenhuis waren opgenomen, maar pas in 2010 daaruit ontslagen zijn. Voor het jaar 2009 is, volgens de methode die de SWOV eerder al heeft ontwikkeld, het aantal ernstig verkeersgewonden geschat op 18.880. Aan zowel de ernstig verkeersgewonden in 2009 die in BRON geregistreerd zijn als aan die in de LMR geregistreerd zijn, zijn zogeheten gewichten toegekend, waarmee een schatting gemaakt kan worden van het aantal ernstig verkeersgewonden voor een groot aantal variabelen zoals leeftijd, geslacht en maand. Net als in voorgaande jaren kunnen de gewichten in BRON gebruikt worden om uitspraken te doen over ernstig verkeersgewonden die een motorvoertuigongeval hebben gehad, terwijl voor ernstig verkeersgewonden in niet-motorvoertuigongevallen de gewichten in de LMR gebruikt kunnen worden. Ook is een aantal ernstig verkeersgewonden in 2010 geschat. Door de plotseling sterke daling van de registratie van onder andere ernstig verkeersgewonden in BRON, was het voor 2010 helaas alleen mogelijk een schatting te geven van het totaal aantal ernstig verkeersgewonden en niet meer voor allerlei uitsplitsingen. Omdat er nauwelijks nog slachtoffers van niet-motorvoertuigongevallen in BRON geregistreerd werden, is zelfs het interessante onderscheid naar motorvoertuigongevallen en niet-motorvoertuigongevallen niet mogelijk. Een ander nadeel is dat we het aantal ernstig verkeersgewonden niet meer hebben per ongevalsregio, maar alleen per ziekenhuisregio. Het aantal ernstig verkeersgewonden in 2010 wordt geschat op 19.100. Deze schatting is in twee stappen tot stand gekomen. Eerst is de schattingsprocedure die ook voor eerdere jaren toegepast werd, in vereenvoudigde vorm toegepast. Dit leidde tot 19.200 ernstig verkeersgewonden in 2010. In dit cijfer is nog geen rekening gehouden met de ernstig verkeersgewonden die in 2011 uit het ziekenhuis ontslagen zijn. Hiervoor kan in principe pas gecorrigeerd worden wanneer de LMR van 2011 beschikbaar is. Daarnaast is het aantal van 19.200 ernstig verkeersgewonden nog niet gecorrigeerd voor fietsongevallen die buiten de openbare weg hebben plaatsgevonden en daarmee niet tot de verkeersongevallen behoren. Op basis van de eerdere jaren verwachten we dat het aantal ernstig verkeersgewonden in 2010 na correctie voor fietsongevallen buiten de openbare weg en voor de ernstig verkeersgewonden die pas in 2011 uit het ziekenhuis ontslagen zijn, ongeveer 100 lager uitkomt dan de voorlopige schatting van 19.200. Omdat we vanwege de problemen met BRON niet verwachten dat we tot een beter resultaat komen wanneer we wel beschikken over het LMR-bestand van 2011, is besloten het aantal ernstig verkeersgewonden in 2010 definitief te schatten op 19.100. Om ondanks het ontbreken van aantallen ernstig verkeersgewonden naar enkele variabelen in 2010 toch een idee te krijgen van de ontwikkeling van deze aantallen, is de verdeling bepaald van in LMR geregistreerde ernstig verkeersgewonden over enkele interessante variabelen. Het gaat hier alleen om slachtoffers met een E-code in de zogeheten standaardgroep en een MAIS-score van ten minste 2. De vraag rijst natuurlijk of er andere methoden zijn waarmee wel het aantal ernstig verkeersgewonden in 2010 geschat kan worden voor verschillende variabelen. Op basis van de analyses in dit rapport stellen we dat een dergelijke methode niet uit kan gaan van de koppeling tussen BRON en de LMR. Door de fors gedaalde registratie van ernstig verkeersgewonden in BRON is het aantal gekoppelde records in beide bestanden minimaal en volgens de SWOV in sommige gevallen geen goede representatie van de werkelijkheid. Ook methoden die gebaseerd zijn op het extrapoleren van tussenresultaten van de schattingsmethode in de jaren 1993-2009 naar 2010, kunnen niet worden toegepast. Dergelijke methoden houden namelijk geen rekening met de verbeteringen die recent binnen de LMR hebben plaatsgevonden. Naar aanleiding van eerder onderzoek van de SWOV naar de registratie van verkeersdoden in Nederland, is het ministerie van Infrastructuur en Milieu in gesprek met het ministerie van Veiligheid en Justitie om de registratie van verkeersongevallen en de slachtoffers die daarbij vallen in BRON te verbeteren. Eventuele resultaten hiervan zullen pas in het BRON-bestand van 2012 terug te zien zijn. Wellicht dat het vanaf dat jaar weer mogelijk is op een betrouwbare wijze het aantal ernstig verkeersgewonden voor verschillende variabelen te schatten. Deze schatting zal overigens pas in 2013 plaats kunnen vinden. Naast de problemen van BRON spelen er ook problemen en ontwikkelingen in de LMR. Het grootste probleem van de LMR wordt gevormd door de gegenereerde records: 'kunstmatige' records voor patiënten die wel in het ziekenhuis zijn opgenomen, maar niet in de LMR zijn geregistreerd. In 2010 was maar liefst 12,5% van de records gegeneerd. De verwachting is echter dat met de introductie van de Landelijke Basisregistratie Ziekenhuiszorg (LBZ) de ziekenhuisregistratie weer completer wordt. In de LBZ zal echter een andere codering van letsels gehanteerd worden dan nu in de LMR, waardoor er een trendbreuk in het aantal ernstig verkeersgewonden zou kunnen optreden.

Serious road injuries in the years 2009 and 2010; Update of the data Late 2011, SWOV, at the request of the Directorate General Mobility in the Netherlands, embarked on making an estimate of the number of serious road injuries in the years 2009 and 2010. The number for 2009 that was published earlier in 2011 was a provisional number (Reurings & Bos, 2011). The reason was that the 2010 data file National Medical Register (LMR) was not yet available; therefore, there was no data about the serious road injuries who were admitted to hospital due to a crash in 2009, but had only be released from hospital in 2010. According to the method SWOV had already developed previously, the number of serious road injuries for the year 2009 has been estimated at 18,880. The serious road injuries in 2009 that have been registered in BRON (Database of Registered Crashes in the Netherlands) as well as those registered in the LMR have been weighted, so as to allow making estimates for a large number of variables like age, sex and month. As in previous years, the weights allotted in BRON can be used for making statements about serious road injuries who were involved in a motor vehicle crash, whereas the weights allotted in LMR can be used for serious road injuries in crashes not involving a motor vehicle. An estimate has also been made for the number of serious road injuries in 2010. The sudden rapid decline in the registration of, among others, serious road injuries in BRON, unfortunately only allowed an estimate of the total number of serious road injuries and no longer for different variables. Because hardly any casualties were registered in crashes not involving motor vehicles, not even the interesting distinction between motor vehicle crashes and non-motor vehicle crashes can be made. Another disadvantage is that we no longer have the serious road injuries per crash region, but only per hospital region. The number of serious road injuries in 2010 was estimated at 19,100. This estimate was made in two steps. First a simplified version of the estimation procedure that had also been used for previous years was applied. This resulted in 19,200 serious road injuries in 2010. This number does not yet include the serious road injuries who were released from hospital in 2011; this cannot be corrected for until the LMR for 2011 has become available. Furthermore, the number of 19,200 serious road injuries has not yet been corrected for bicycle crashes that did not occur on public roads and are therefore not classified as road traffic crashes. Looking at previous years, we expect the number of serious road injuries in 2010, after correction for non-public road crashes and for serious road injuries being released from hospital in 2011, to be 100 lower than the provisional number of 19,200. As we, due to the problems with BRON, do not expect to achieve a better result if we do have the LMR file for 2011, we decided 19,100 serious road injuries in 2010 to be the definite estimate. In order to obtain some idea of the development of the numbers of serious road injuries for some variables, despite the fact that figures are missing, the distribution across some interesting variables has been determined of the serious road injuries who were registered in the LMR. The only casualties included were those with an E-code in the so-called standard group and a minimum MAIS score of 2. Of course this prompts the question whether there are other methods that can be used to estimate the number of serious road injuries in 2010 for different variables. Based on the analyses in this report we argue that such a method cannot use a link between BRON and the LMR as a starting point. The large decline in the registration of serious road injuries in BRON leads to a minimum of linked records in both files and, according to SWOV, in some cases not a just representation of the facts. Nor can methods be used that are based on extrapolation to 2010 of interim results of the estimation method used in the years 1993-2009; such methods do not take recent improvements of the LMR into account. In reaction to an earlier SWOV study into the registration of road fatalities in the Netherlands, the Ministry of Infrastructure and the Environment is having consultations with the Ministry of Safety and Justice to improve the registration in BRON of crashes and their casualties. Possible results will not be visible until the BRON file of 2012 has been made available. From that year onward it may be possible again to make reliable estimates about the number of serious road injuries for different variables. This estimate, however cannot be made until 2013. In addition to the problems with BRON, there are also problems and developments concerning the LMR. LMR’s greatest problem are the generated records: 'artificial' records for patients who have indeed been admitted into hospital, but are not registered in the LMR. In 2010, as much as 12.5% of the records had been generated. However, the introduction of the National Basic Register Hospital Care (LBZ) is expected to make the hospital records more complete. However, the LBZ will, use a different encoding of injuries from the LMR, which could cause a break in the trend for the number of serious road injuries. In addition to the problems with BRON, there are also problems and developments concerning the LMR. LMR’s greatest problem are the generated records: 'artificial' records for patients who have indeed been admitted into hospital, but are not registered in the LMR. In 2010, as much as 12,5% of the records had been generated. However, the introduction of the National Basic Register Hospital Care (LBZ) is expected to make the hospital records more complete. However, the LBZ will, use a different encoding of injuries from the LMR, which could cause a break in the trend for the number of serious road injuries.

Print this page