Publicatie

Ernstig verkeersgewonden 2017

Schatting van het aantal ernstig verkeersgewonden in 2017

Auteur(s)

Bos, N.M.; Bijleveld, F.D.; Temürhan, M.; Commandeur, J.J.F.; Moore, K.; Aarts, L.T.; Stipdonk, H.L.

Jaar

2018

Downloaden

PDF icon pdf (2.39 MB)

Nog steeds meer dan 20.000 ernstig verkeersgewonden per jaar

In 2017 vielen er naar schatting 20.800 ernstig verkeersgewonden. Dit zijn er ongeveer 600 minder dan in 2016. Gezien de onzekerheid in beide schattingen kan dit verschil op toeval berusten.

Het aantal ernstig verkeersgewonden is een belangrijke indicator voor de verkeersonveiligheid. Een ernstig verkeersgewonde wordt in Nederland sinds 2010 als volgt gedefinieerd:

Een ernstig verkeersgewonde is een slachtoffer dat als gevolg van een verkeersongeval is opgenomen in een ziekenhuis met een letselernst uitgedrukt in MAIS[1] van ten minste 2, en dat bovendien niet binnen 30 dagen overleden is aan de gevolgen van het ongeval.

Het ligt in de rede dat Nederland op termijn overstapt naar een definitie waarbij de letselernst MAIS2+ wordt vervangen door MAIS3+. Dit sluit namelijk beter aan bij de definitie van ‘ernstig gewond’ zoals die binnen de medische sector en ook internationaal (‘seriously injured’) wordt gehanteerd. Om hier alvast rekening mee te houden, is in dit onderzoek ook overal expliciet het aantal MAIS3+ aangeduid.

Het aantal slachtoffers met zwaardere letsels (MAIS3+-slachtoffers) is in 2017 gelijk gebleven, terwijl het aantal slachtoffers met minder zware letsels (MAIS2-gewonden) in 2017 iets is gedaald (-8% ten opzichte van 2016). Deze verschillen zijn kleiner dan de betrouwbaarheidsmarges en zijn dus niet significant. De groep MAIS3+ neemt een toenemend aandeel in van het totale aantal ernstig verkeersgewonden. In 2017 is dit aandeel toegenomen tot meer dan 40%.

Methode

In Nederland is geen register voorhanden waarin alle ernstig verkeersgewonden zijn geregistreerd. Daarom wordt het aantal ernstig verkeersgewonden sinds 2008 bepaald door de gegevens uit twee databronnen met elkaar te vergelijken: het Bestand geRegistreerde Ongevallen in Nederland (BRON; ook wel bekend als ‘de politieregistratie’) en de Landelijke Basisregistratie Ziekenhuiszorg (LBZ; ook wel bekend als de ziekenhuisregistratie). Zoals de definitie al aangeeft, wordt ervan uitgegaan dat alle ernstig verkeersgewonden in een ziekenhuis worden opgenomen.

De methode om het aantal ernstig verkeersgewonden te bepalen, bestaat uit de volgende stappen:

  1. inlezen (stap 1) van BRON en LBZ;
  2. opschonen (stap 2) van de BRON- en LBZ-data;
  3. inlezen van de relevante koppelvariabelen (stap 3);
  4. koppelen van BRON en LBZ (selectie van ernstige verkeersslachtoffers) (stap 4);
  5. een correctie voor incompleetheid van de LBZ en voor ongevallen die niet op de openbare weg plaatsvonden (stap 5);
  6. een correctie voor onderregistratie in BRON en voor misclassificaties in de LBZ (stap 6); op dit onderdeel is een berekening van de statistische marge uitgevoerd;
  7. een correctie voor patiënten die pas in 2018 uit het ziekenhuis ontslagen zullen worden (stap 7);
  8. een bepaling van gewichten voor BRON en LBZ (stap 8).

De methode om het aantal ernstig verkeersgewonden in 2017 te schatten, is op onderdelen iets anders uitgevoerd dan andere jaren. De belangrijkste verschillen zijn:

  • BRON is extra opgeschoond (extra activiteit binnen stap 2): data zijn ontdubbeld.
  • Er is een andere aanpak ontwikkeld om beter te kunnen omgaan met twee koppelvariabelen die sinds 2014 grotendeels ontbreken in BRON: ziekenhuisprovincie en letselernst (deel van stap 4). Ter controle is ook de vorig jaar toegepaste methode uitgevoerd.
  • De schaling van het resultaat op eerdere vastgestelde reeksen is afgebouwd (deel van stap 7), omdat de referentiewaarde inmiddels acht jaar oud is.

Net als vorig jaar zijn de gegevens van de laatste jaren aangeleverd aan het CBS en is vrijwel het hele SWOV-onderzoek uitgevoerd in de beveiligde omgeving van het CBS. Dit was noodzakelijk vanwege aangescherpte privacyregelgeving.

We hebben net als vorig jaar een margeberekening kunnen uitvoeren op de bijschatting van het aantal ernstig verkeersgewonden. Daarna vonden nog enkele kleine correcties plaats. Ook de basisgegevens zelf bevatten onzekerheden, waardoor de marge op het eindresultaat groter is. De marge op het geschatte aantal ernstig verkeersgewonden is ongeveer plus of min 400.

Minder nauwkeurig, beperkt gestratificeerd

De schatting van het aantal ernstig verkeersgewonden is na 2009 minder nauwkeurig geworden. Dat heeft twee oorzaken. Ten eerste ging de registratie van slachtoffers in BRON achteruit. Deze situatie is nog steeds niet gewijzigd. Er wordt wel hard gewerkt aan verbeteringen om de politieregistratie (en dus BRON) beter op orde te krijgen. Ten tweede werd ook de LBZ incompleter als gevolg van de invoering van de DBC (Diagnose Behandel Combinatie) en het nieuwe letselcodeersysteem ICD10 (International Classification of Diseases, versie 10).

Om de ontwikkelingen van afzonderlijke groepen slachtoffers in kaart te brengen, zoals SWOV bijvoorbeeld doet in de jaarlijkse Monitor verkeersveiligheid, kunnen we gebruikmaken van de in de LBZ geregistreerde verkeersslachtoffers met ernstig letsel (MAIS2+). Het is onzeker of de hierin ontbrekende slachtoffers (5% tot 10%) goed worden gerepresenteerd. Deze onzekerheid betekent dat de gegevens over nadere onderverdelingen behoedzaam moeten worden geïnterpreteerd.

Politieregistratie verbetert, kwaliteit invoer blijft nog steeds achter

De invoering van het registratiesysteem kenmerkenmelding(PLUS) bij de politie (in 2013), heeft de afgelopen jaren geleid tot een toename van het aantal geregistreerde slachtoffers en goede koppelingen tussen BRON- en LBZ-records. In 2017 is het aantal koppelingen iets lager dan in 2016. De kwaliteit van de koppelingen blijft ook nog laag omdat bepaalde velden ontbreken in BRON (ziekenhuisregio, vervoerswijzen, het onderscheid tussen ziekenhuisopname en behandeling op de spoedeisende hulp), terwijl die wel nodig zijn voor een goede koppeling en berekening van het aantal ernstig verkeersgewonden. Daardoor is het ook nog steeds niet mogelijk om meer onderverdelingen te maken in het aantal ernstig verkeersgewonden. Hiervoor zal de kwaliteit van de registratie verder moeten verbeteren.

Ook de ziekenhuisregistratie verbetert

De LBZ is de laatste jaren steeds completer geworden. In 2017 ontbreken er net als in 2016 geen klinische opnamen meer. Het nieuwe coderingssysteem ICD10 is in alle ziekenhuizen ingevoerd. Ook lijkt de nieuwe codeerinstructie om externe oorzaken van ongevallen te registreren (DHD (2015), bij de meeste ziekenhuizen goed te werken. Sinds 2015 worden slachtoffers onder motorrijders weer apart geregistreerd. Ook is het nu mogelijk om onderscheid te maken tussen bromfiets en snorfiets en tussen racefiets en elektrische fiets (voor zover informatie daarover beschikbaar is in het medisch dossier).

Een analyse van enkele kenmerken van ernstig verkeersgewonden is te vinden in de Monitor Verkeersveiligheid 2018 (Weijermars et al., 2018).


[1] AIS staat voor Abbreviated Injury Scale. De waarde van een letsel op deze schaal representeert de ernst van het letsel. De waarde van de Maximum AIS (MAIS) representeert het ernstigste letsel bij een slachtoffer. De MAIS loopt van 1 (licht letsel) tot 6 (maximaal). De AIS is opgesteld door de Association for the Advancement of Automotive Medicine (AAAM; www.aaam.org) en wordt door de EU aanbevolen als indicator van letselernst in verkeersongevallen.

Printvriendelijke versie
rapport

Rapportnummer

R-2018-18

Pagina's

62 + 19

Gepubliceerd door

SWOV, Den Haag