Publicatie

Concentratieproblemen achter het stuur

Een beknopte literatuurstudie

Auteur(s)

Vlakveld, Drs. W.P.; Aarts, dr. L.T.; Mesken, drs. J.

Jaar

2006

Dit rapport is geschreven naar aanleiding van het voornemen van het Ministerie van Verkeer & Waterstaat (V&W) om onderzoek te doen naar de gevolgen van concentratieproblemen tijdens de uitvoering van de rijtaak. Voor de uitvoering van een dergelijk onderzoek door TNO, heeft de Adviesdienst Verkeer en Vervoer (AVV) een projectplan opgesteld. Ten behoeve van dit project heeft de SWOV een literatuurstudie gedaan naar wat al bekend is over concentratieproblemen in het verkeer. Het doel van deze studie was niet alleen om na te gaan wat al bekend is over concentratieproblemen bij de uitoefening van de rijtaak, maar ook om adviezen te geven over het in opdracht van AVV door TNO uit te voeren simulatoronderzoek naar concentratieproblemen bij bestuurders. In de literatuur is concentratie een zeer weinig onderzocht begrip, maar over het nauw aan concentratie verwante onderwerp 'aandacht' is echter zeer veel literatuur te vinden. Duidelijk is dat zowel bij concentratie als bij aandacht selectie en intensiteit een belangrijke rol spelen. Ook kan concentratie exogeen of endogeen worden opgeroepen en kan het richten van de concentratie zowel bewust als onbewust verlopen. Aandacht zowel bewust als onbewust zijn. Over de samenhang van deze aspecten zijn meerdere theorieën in omloop. In het projectplan van AVV zijn de vragen die door simulatoronderzoek zouden moeten worden beantwoord geformuleerd vanuit één theoretisch kader. Omdat nog weinig bekend is over concentratieproblemen in het verkeer, is het beter om deze vragen niet direct te koppelen aan één bepaalde theorie, maar om van een algemene vraagstelling over concentratieproblemen uit te gaan. Het is niet te zeggen hoeveel ongevallen er door concentratieproblemen ontstaan. Het ongevalsrisico bij concentratieverlies is dan ook niet vast te stellen. Wel zijn er indicaties dat concentratieverlies een substantieel probleem is. Zo blijkt uit beschrijvingen van buitenlandse ongevalstoedrachten dat 'keek, maar zag niet' en 'gebrek aan aandacht' veel voor komen. Ook mensen met aandoeningen die tot concentratieproblemen leiden, blijken een duidelijk verhoogd ongevalsrisico te hebben. Er is al vrij veel onderzoek verricht naar het effect op de rijvaardigheid van cognitieve neventaken zonder uitvoeringsaspecten, zoals bijvoorbeeld het maken van hoofdrekensommen. Hieruit blijkt dat zaken niet of pas laat worden opmerkt doordat men aan andere dingen denkt. Ook neemt de reactietijd toe en meer in algemene zin vermindert het situatiebewustzijn. Een onderzoek naar de effecten van Driving Without Awareness (DWA) toont de gevolgen van het rijden met een verminderd concentratieniveau bij verder fitte bestuurders bij wie geen vermoeidheid in het spel is. Tijdens DWA momenten worden naar verhouding veel verkeersfouten gemaakt. Over de invloed van gedachten tijdens het rijden die gepaard gaan met emoties en of stemmingen is heel weinig bekend, maar er zijn duidelijke indicaties dat de effecten daarvan negatief zijn voor de uitvoering van de rijtaak. Een belangrijk probleem bij simulatoronderzoek naar de effecten van het denken aan andere zaken dan de rijtaak, is de validiteit van de resultaten. Bij simulatoronderzoek dragen onderzoekers de proefpersonen op bepaalde zaken te doen. Ze geven bijvoorbeeld hoofdrekensommen op en vragen de proefpersoon in een simulator gelijktijdig over een autosnelweg te rijden. De vraag is of het in opdracht maken van hoofdrekensommen in een simulator wel hetzelfde effect hebben op de uitvoering van de rijtaak als wanneer men in werkelijkheid op een autosnelweg rijdt en gelijktijdig diep in gedachten verzonken is. Een ander probleem is dat men niet kan meten in welke mate proefpersonen aan andere zaken denken. Doordat al vrij veel bekend is over de effecten van cognitieve neventaken op de rijtaak en nog maar heel weinig bekend is over de effecten van emoties en stemmingen, adviseert de SWOV om het simulatoronderzoek te richten op de effecten die met emoties geladen gedachten hebben op de uitvoering van de rijtaak.

Concentration problems behind the wheel; a brief literature study This report was written in response to the Ministry of Transport's intention of making a study of the consequences of concentration problems while driving. The Ministry's department Traffic Research Centre has drawn up a project plan for this study to be carriedf out by TNO, the Dutch organization forapplied scientific research. For this project, SWOV has made a literature study of what is already known about concentration problems in traffic. The purpose of this study was not only to answer this question, but also to advise the Traffic Research Centre about the simulator study of driver concentration problems to be done by TNO. Concentration is a subject about which very little research has been done. However, very much research has been done into the subject of 'attention' which is closely related to concentration. It is clear that selection and attention are important for both concentration and attention. Concentration can also be evoked both exogenously and endogenously, and directing concentration can be both conscious and unconscious. There are several theories about the way in which these aspects are related. In the Traffic Research Centre's project plan, the questions that simulator research should answer are formulated based on just one theoretical framework. Because so little is known about concentration problems in traffic, it is better not to directly link these questions to just one particular theory, but to use a more general approach for phrasing questions about concentration problems. It is not clear how many crashes are the result of concentration problems. Therefore it is impossible to calculate the crash rate due to loss of concentration. However, there are indications that it is a substantial problem. For instance, foreign descriptions of crash circumstances show that 'looked but didn't see' and 'lack of attention' are often mentioned. Also, people with disorders that lead to concentration problems have a clearly greater crash rate. Quite a lot of research has already been done on the effect on the driving performance of cognitive secondary tasks without implementation aspects, for instance making mental arithmetic calculations. The results show that matters are only noticed late or not at all because one is thinking of other things. The reaction time also increases and in a general sense the situation awareness becomes lower. A study into the effects of Driving Without Awareness (DWA) shows the results of driving at a lower concentration level for drivers who are quite fit to drive and who are not fatigued. At DWA moments relatively many errors are made. Very little is known about the influence of thoughts which are linked to emotions and/or moods while driving, but there are clear indications that their effects on driving are negative. The validity of the results is an important problem of simulator research into the effects of thinking about other matters than driving. In simulator studies, for instance, researchers set the subjects certain tasks to be carries out. For example, they give the subject mental arithmetic calculations and ask him to simultaneously drive along a motorway in a simulator. The question is whether making arithmetic calculationson command in a simulator, has the same effect on the driving task as driving along a motorway while being sunk in thought. Another problem is that it's impossible to measure the extent to which subjects are think about other matters. Because quite a lot is already known about the effects on driving of cognitive secondary tasks, but very little about the effects of emotions and moods, SWOV's advice is to direct the simulator study at the effects that emotionally loaded thoughts have on the driving performance.

Print this page
rapport

Rapportnummer

D-2005-5

Pagina's

35

Gepubliceerd door

SWOV, Leidschendam