Publicatie

Besluitvorming over verkeersveiligheid in het Nationaal Verkeers- en Vervoersplan

De inspraakfase, het kabinetsstanpunt en de behandeling in de Tweede Kamer

Auteur(s)

Bax, Drs. C.A.

Jaar

2006

Deze studie onderzoekt of de besluitvorming over het Nationaal Verkeers- en Vervoersplan (NVVP) een slagvaardig verkeersveiligheidsbeleid heeft opgeleverd en welke condities hebben bijgedragen aan deze vorming van het beleid. Onder een slagvaardig verkeersveiligheidsbeleid wordt een beleid verstaan dat effectief is (de gestelde doelen worden gehaald), efficiënt (de baten van de maatregelen zijn hoger dan de kosten) en bovendien ambitieus (gemeten door te kijken naar de taakstelling, het uitvoeringsbudget en de uitvoeringstermijn). Dit rapport bekijkt de laatste fase van het besluitvormingsproces van oktober 2000 tot en met april 2002, waarin de inspraak, de vorming van het kabinetsstandpunt en de behandeling door de Tweede Kamer plaatsvonden. Het verkeersveiligheidsbeleid in het NVVP (kabinetsstandpunt) bleek bijna effectief, wel efficiënt, maar niet ambitieus te zijn (in de zin van de drie criteria taakstelling, uitvoeringstermijn en beschikbaar budget). Daarmee is het beleid beoordeeld als bijna slagvaardig. Deze fase van de besluitvorming werd gekenmerkt door het fijnslijpen van de teksten uit het beleidsvoornemen. Hoewel er ruimte was voor inspraak en betrokkenheid van diverse organisaties, kende het Ministerie van Verkeer en Waterstaat (VenW) door de lange voorgeschiedenis de meeste standpunten goed en zorgde de inspraak nauwelijks voor nieuwe teksten. Ambtenaren van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, de minister van Verkeer en Waterstaat en het kabinet hadden een beslissende invloed op veranderingen in de teksten. Daarnaast gaf VenW opdracht tot enkele onderzoeken. De uitkomsten daarvan zijn gebruikt in de teksten van het kabinetsstandpunt.

Decision making about road safety in the National Traffic and Transport Plan; The participation phase, the cabinet's position and the parliamentary debate This study examines whether the decision making about the National Traffic and Transport Plan has resulted in a decisive road safety policy and which conditions contributed to this process. What is meant by a decisive road safety policy is an effective one (that achieves its goals), an efficient one (in which the benefits of measures are greater than the costs) and moreover that it is ambitious (in its targets, its implementation budget and period). This report studies the final phase of the decision making process from October 2000 to April 2002 in which the participation, the forming of the cabinet's position and the parliamentary debate took place. The cabinet's position in the National Traffic and Transport Plan's road safety policy was almost effective, was efficient, but not ambitious (in its three criteria: target, implementation period, and available budget). The policy is therefore judged to be almost decisive. This phase of the decision making was characterized by finetuning the texts concerning the policy intentions. Although there was room for participation by and involvement of various organizations, the Ministry of Transport already knew most of their positions well because of the long history of the process, with the result that the participation hardly resulted in new texts. The Ministry of Transport's civil servants, the Minister of Transport and the cabinet had a decisive influence on changes in the texts. In addition, the Ministry commissioned several studies and their findings were used in the texts of the cabinet's position.

Print this page
rapport

Rapportnummer

D-2006-4

Pagina's

65 + 14

Gepubliceerd door

SWOV, Leidschendam