Publication

Naar een verkeersmeetnet ten behoeve van landelijk en provinciaal beleid

Project Monitoring rijsnelheden op 80- en 100 km/uur-wegen Fase 4: Voorstellen voor de selectie van meetlocaties, criteria voor meetapparatuur en analyse en gebruik van meetgegevens op basis van ervaringen in de provincie Friesland, Overijssel en Limburg en een voorbeeld van een werkwijze om te komen tot een steekproeftrekking

Author(s)

Oei, Ir. H.L.

Year

1994

Download

PDF icon pdf (2.66 MB)

De rijksoverheid heeft in het Meerjarenplan Verkeersveiligheid ten aanzien van het speerpunt snelheid kwantitatieve taakstellingen geformuleerd. Om deze te kunnen realiseren is het voor het landelijke en provinciale beleid noodzakelijk dat beschikt wordt over actuele snelheidsgegevens en dat deze gegevens op uniforme wijze worden gestrucureerd. In opdracht van de Adviesdienst Verkeer en Vervoer van Rijkswaterstaat heeft de SWOV in het verleden een ontwerp gemaakt voor een landelijk meetnet. In vervolg hierop is in samenwerking met drie provincies advies gegeven voor een verkeersmeetnet - een snelheidsmeetnet levert tevens andere verkeersgegevens op zoals voertuiglengte en intensiteit - ten behoeve van landelijke en provinciale doeleinden; dit wordt in onderhavig rapport behandeld. Op basis van landelijke en provinciale beleidsplannen is af te leiden welke verkeersgegevens c.q. snelheidsgegevens verlangd worden. Deze zullen onder meer zijn het monitoren van het al dan niet juiste gebruik van wegen gegeven de functie en vormgeving en van wegen waar de rijsnelheid een probleem vormt. Op enkele provincies na worden op provinciale wegen nog geen structurele snelheidsmetingen verricht en is nog weinig uniformiteit in de wijze van gegevensverzameling. Een verkeersmeetnet is te onderscheiden in een vast lusmeetnet en een flexibel meetnet gebruik makende van radar, slang- of optische detectoren of laser. Het vaste meetnet kan verder worden onderscheiden in een vast basismeetnet op basis waarvan bij aggregatie van de snelheidsgegevens uit de twaalf provincies een landelijk representatief beeld wordt verkregen en een aanvullend vast meetnet dat samen met het basismeetnet gegevens levert ten behoeve van het provinciaal beleid. Op de overige wegvakken kan periodiek met het flexibele meetnet worden gemeten. Ad hoc incidentele metingen kunnen eveneens met een flexibel systeem worden verricht. Een vast basismeetnet in een provincie wordt gevormd door van elke combinatie van functie en wegtype vier wegvakken - die elk onderdeel uitmaken van een verbinding - te kiezen die ruimtelijk gespreid zijn. In aanvulling hierop worden verbindingen met een (overwegende) stroomfunctie waar nog geen meetpunt is voorzien een meetpunt geprojecteerd. Meetlocaties dienen buiten de invloed van discontinuïteiten te liggen. Het is wenselijk een meetsysteem te kiezen dat passagemomenten van individuele voertuigen registreert, daar hiermee de meeste mogelijkheden voor analyse wordt geboden. Om aggregatie van gegevens voor landelijke doeleinden eenvoudig mogelijk te maken en voor mogelijke vergelijking tussen de provincies, dienen de in de provincie verzamelde gegevens op uniforme wijze te worden gestructureerd en verzameld (voertuiglengte- en snelheidsklassen). In een bijlage wordt een voorbeeld gegeven van een werkwijze om te komen tot een steekproeftrekking

The Dutch government has formulated quantitative objectives regarding road safety and particularly speed of cars for the year 2000 and 2010. To enable the realisation of these objectives it is a necessity that timely speed data be available and that these data be ordered in a uniform way. In 1992 the SWOV made a design for a national speed measuring network on behalf of the Dutch Ministry of Transport. In this report a design for a traffic measuring network (measuring speed gives also data regarding flow, vehicle length, headway) for national and provincial purposes is presented, made in cooperation with three provinces. From national and provincial reports on policy regarding traffic and road safety requirements for traffic and speed data can be deducted. Important requirements are for example the monitoring of the correct use of roads related to function and design and of roads having a speed problem in relation to accidents. Until now few provinces are conducting structural speed measurements yearly and if so there is little uniformity in the way these measurements are executed and reported. A traffic measuring system can be distinguished in a permanent and a temporary system, the first using fixed loop detectors in the road pavement and the second using radar or tubes laid on the surface of the road pavement. A permanent system can further be differentiated in a base measuring network in each province, measuring locations being evenly spread in space on roads of different function and type. Aggregation of these data to a national level gives a representative result regarding speed for each of these roads. A complementary permanent measuring system completes the measuring system for provincial road policy purposes by providing connecting roads as yet lacking a measuring system with such a system. On the remaining provincial roads a flexible measuring system can be used. It is of importance that locations be chosen far from discontinuities, such as a sharp bend or intersection. It is desirable that data of individual vehicles be registered, giving the greatest possibilities for analyses. To enable aggregation of the data for national purposes a uniform structuring and sampling of the data is a necessity. In an appendix examples are worked out based on pilot measurements in the province of Overijssel of sampling of traffic data

Print this page
report

Report number

R-94-53

Pages

30 + 47

Publisher

SWOV, Leidschendam