Publication

Botsveiligheid van personenauto's, deel 2

Een pilot-onderzoek naar de ontwikkeling van een ranglijst van personenauto's

Author(s)

Kampen, Ir. L.T.B. van

Year

1998

Download

PDF icon pdf (2.07 MB)

In opdracht van de Adviesdienst Verkeer en Vervoer (AVV) heeft de SWOV een botsveiligheidsonderzoek uitgevoerd. Het eerste deel (Tromp, 1998) gaat over achteraanrijdingen en nekletsel. In dit tweede deel wordt realiseerbaarheid onderzocht van een ranglijst van individuele of gegroepeerde autotypen. Hiermee kunnen verschillen in botsveiligheid van deze autotypen worden beschreven. Buitenlandse ranglijsten zijn voor dit doel maar beperkt bruikbaar, aangezien de verkeerssamenstelling en de botsomstandigheden anders zijn dan in Nederland. In het rapport is een beschouwing opgenomen over de bestaande en voorgenomen voertuigreglementering op het gebied van de botsveiligheid. Verder wordt ingegaan op de complexe materie van de onderlinge afstemming van voertuigen (compatibel maken) en de daarbij vaak tegenstrijdige eisen die gesteld worden aan een voertuig (met name inzittenden-veiligheid versus veiligheid van derden). Een ranglijst is opgesteld met behulp van ongevallengegevens uit de Verkeersongevallenregistratie (VOR) van AVV/BG. Aan de VOR-gegevens zijn voertuiggegevens gekoppeld afkomstig uit het Kentekenregister van het Centrum voor Voertuigtechniek en Informatie (RDW). Er zijn twee maten ontwikkeld om de botsveiligheid van individuele voertuigtypen uit te drukken. De ene maat (EV) geeft een indicatie van de inzittendenveiligheid van een bepaald voertuigmodel; de andere maat (AV) geeft een indicatie van de mate van agressiviteit van een bepaald voertuigmodel voor andere verkeersdeelnemers. De procedure voor het verkrijgen van gekoppelde gegevens (ongevallen-gegevens en voertuiggegevens) laat in de praktijk te wensen over. Om redenen van privacybescherming kon de SWOV niet beschikken over kentekens. Het niet direct kunnen behandelen van kentekens door de SWOV levert een kwaliteitsprobleem op. Aanbevolen wordt dat deze kwaliteitsaspecten alsnog door AVV/BG worden bekeken. Verder wordt aanbevolen in het vervolg de kentekens rechtstreeks aan de SWOV te leveren, bij voorkeur permanent in het standaard-ongevallenbestand. De onderhavige pilot-studie heeft aangetoond dat het koppelen van voertuiggegevens aan ongevallengegevens goed uitvoerbaar is. De botsveiligheidsanalyses hebben een deugdelijk inhoudelijk resultaat opgeleverd. De uit de literatuur bekende samenhang tussen voertuiggrootte en ernst van de afloop is bij dit pilot-onderzoek met Nederlandse gegevens eveneens vastgesteld. Er blijkt sprake van een zeer sterke, omgekeerd evenredige relatie tussen voertuiggrootte en inzittendenveiligheid: hoe kleiner en lichter het voertuig, des te ernstiger de afloop voor de eigen bestuurder. Het hoofddoel van het onderzoek is bereikt: er is een (voorlopige) ranglijst opgesteld van afzonderlijke voertuigtypen voor zover die vaker dan honderd keer in het bestand voorkomen. Als criteria zijn de EV en de AV gebruikt. De voorlopige ranglijst laat een min of meer logisch verloop zien van EV en AV, mede gezien het vastgestelde verband tussen massa en afloop. Om de ranglijst completer en betrouwbaarder te maken, wordt aanbevolen een nadere analyse uit te voeren, zowel op het reeds bestudeerde materiaal als op nader te verzamelen gegevens

Passive safety of passenger cars: Part 2 The SWOV Institute for Road Safety Research was commissioned to conduct a passive safety study for the Netherlands Transport Research Centre (AVV). The first part of this study (Tromp, 1998) concerned rear-end collisions and neck injury. This second part investigated the feasibility of constructing a list of individual or grouped types of cars which could be ranked according to passive safety. In so doing, differences in passive safety among these types of cars could be described. Due to the differences between composition of road traffic and collision conditions in other countries in comparison to the Netherlands, foreign ranked listings are rather limited in regard to this objective. The report includes a consideration of the existing and the intended vehicular regulations in the area of passive safety. It also examines the complex issue of making vehicles compatible with one another and the often conflicting vehicle requirements, especially in regard to the safety of occupants as opposed to the safety of third parties. A ranked listing was drawn up as based on accident data obtained from the National Register on Road Traffic Accidents (VOR) of the Accident Records Registration Division of the Directorate-General of Public Works (AVV/BG). Linked to the VOR data were vehicle data from the vehicle registration numbers of the RDW Department of Roads Transport. Two measures for expressing the passive safety of individual vehicles were developed. One of these (EV) provides an indication of the occupant safety for a certain vehicle model while the other (AV) expresses the degree of injury caused by a certain vehicle model in relationship to other road users. Practically speaking, the procedure for obtaining related data (accident data and vehicle data) left something to be desired. For reasons of privacy, SWOV could not obtain direct access to vehicle registration numbers. Because SWOV was not able to handle vehicle registration numbers directly, the quality of the obtained results was less than expected. It is therefore recommended that the AVV/BG still consider these quality aspects. Also recommended is that the vehicle license numbers be provided directly to SWOV during the follow-up, preferably permanently in the standard accident file. This pilot study showed that linking vehicle data with accident data is quite feasible. The passive safety analyses provided reliable data. Also confirmed by this pilot study using Dutch data was the connection between vehicle size and the severity of personal injury as commonly noted in the literature. There appeared to be a very strong inversely proportional relationship between vehicle size and occupant safety: the smaller and lighter the vehicle, the more severe the injuries for the car's driver. The key objective of the study was achieved: a ranked listing (although provisional) was drawn up of various types of vehicles occurring more than one hundred times in the file. Criteria used were the EV and AV. Theprovisional ranked listing shows a more or less logical progression of EV and AV while also considering the established tie between vehicular mass and the severity of personal injury. To make the ranked listing more complete and reliable, further analysis, both of the previously studied material and of data yet to be gathered, is recommended

Print this page