SWOV homepage
English  

Belonen en straffen in het verkeer even effectief

Belonen en straffen: het zijn bekende methoden om gedrag te beïnvloeden. In de verkeerspraktijk is het traditioneel zo dat gewenst gedrag 'gestimuleerd' wordt door regels en wetten, zodat overtredingen kunnen worden bestraft. Aan beloningen voor het bevorderen van gewenst verkeersgedrag is tot voor kort weinig aandacht besteed. In januari van dit jaar promoveerde SWOV-medewerker Marjan Hagenzieker op dit onderwerp aan de Universiteit van Leiden. Het doel van haar proefschrift (ISBN: 90-9012343-1) was om meer inzicht te verkrijgen in de mogelijke rol van beloningen bij het beïnvloeden van verkeers(veilig) gedrag door te onderzoeken in hoeverre beloningen effectief kunnen zijn om verkeersgedrag te veranderen, welke vormen van beloningen daarin meer en minder effectief zijn dan andere, welke factoren en omstandigheden hierop van invloed zijn en na te gaan of deze manier van gedragsbeïnvloeding in de verkeerspraktijk toepasbaar is.

 

Eerst wordt verslag gedaan van een literatuurstudie waarin aandacht wordt besteed aan de rol van beloningen in psychologische theorieën en modellen van verkeersgedrag. Ook is geïnventariseerd wat er in diverse toepassingsgebieden bekend is over het effect van beloningen op gedrag. Veel psychologische theorieën ruimen een belangrijke plaats in voor belonen.

In modellen van verkeersgedrag wordt veel minder vaak aandacht besteed aan de rol van beloningen. Sommige modellen veronderstellen een positief effect van het in het vooruitzicht stellen van 'uitkomst georiënteerde' beloningen, zoals beloningen voor ongevallenvrij rijden; een andere model veronderstelt dat externe beloningen ervoor kunnen zorgen dat gevaarlijk verkeersgedrag dat als prettig ervaren worden door bestuurders (bijvoorbeeld hard rijden) omgebogen wordt naar de veilige kant.

 

Nog weinig bekend

In verschillende toepassingsgebieden zijn beloningen met succes gebruikt om gewenst gedrag te bevorderen, bijvoorbeeld orn werknemers in de industrie er toe te brengen zich aan de veiligheidsvoorschriften te houden, om milieuvriendelijk gedrag te stimuleren en om rook- en eetgedrag te beïnvloeden. Het beschikbare onderzoek naar beloningen voor specifiek verkeersveilig gedrag is met name gericht op het dragen van autogordels. Dergelijke beloningsprogramma's hebben over het algemeen geleid tot verbeteringen in het gordelgebruik. Het probleem is echter dat de meeste studies zijn verricht in situaties waarin gordelgebruik nog vrijwillig was en (dus) met een zeer laag gordelgebruik, en dat kenmerken van beloningsprogramma's niet systematisch gevarieerd zijn. Hierdoor is het bijvoorbeeld niet goed mogelijk vast te stellen hoe een optimaal beloningsprogramma er uit moet zien en of beloningsprogramma's ook effectief zijn onder omstandigheden met een relatief hoog beginniveau van gordelgebruik.

 

Autogordelgebruik

Om meer inzicht te verkrijgen in de factoren die de effectiviteit van beloningen beïnvloeden is besloten nader onderzoek te richten op één specifiek gedrag: het autogordelgebruik. Een aantal veldstudies is uitgevoerd waarin het effect van verschillende beloningsacties op het dragen van autogordels is onderzocht in situaties met een relatief hoog uitgangspercentage gordeldragers. Daarbij is ook onderzocht wat het effect van belonen is in vergelijking tot het effect van politietoezicht.

 

Kleinschalige beloningsactie

In 1988 werd in Friesland een kleinschalige beloningsactie uitgevoerd. Uit de evaluatie van deze 'pilot'-studie bleek dat er na afloop van de actie geen verbetering in het gordelgebruik was opgetreden. Er werd zelfs geen korte-termijneffect geconstateerd. Mogelijke verklaringen voor het uitblijven van enig effect zijn dat de actie niet voldoende bekend was bij het publiek, dat het eenmalig belonen en gedurende slechts één dag niet voldoende is om een gedragsverandering tot stand te brengen en dat de beloning niet als 'aantrekkelijk' beschouwd werd.

 

Grootschalige veldstudie

Als vervolg op deze pilot studie is in 1988 een grootschalige veldstudie uitgevoerd op twaalf Nederlandse kazernes. Diverse campagnevarianten, gericht op het stimuleren van het gordelgebruik door personeel in dienst van het ministerie van Defensie in hun eigen personenauto's, zijn onderzocht. Het type beloningsprogramma, type publiciteit en hoeveelheid politietoezicht werd gevarieerd. Veel aandacht werd besteed aan de publiciteit rondom de campagne. Ook is geprobeerd voor de doelgroep van deze campagne aantrekkelijke beloningen in het vooruitzicht te stellen (o.a. cadeaubonnen, compact disc spelers). De campagne had een lange duur (twee maanden). Onderscheid werd gemaakt naar verschillende typen beloningsprogramma's. Op twee kazernes werd een wedstrijd georganiseerd tijdens de campagne. Een prijs van f 5.000,- kon worden gewonnen door het personeel van die kazerne met het hoogste gordeldraagpercentage aan het eind van de actie (groepsbelonen). Op twee andere kazernes werden tijdens de actie loten uitgereikt aan bestuurders (en voorpassagiers) als zij hun gordel droegen. Eén of meer prijzen werd(en) elke week verloot onder degenen die in het bezit waren van een lot (individueel belonen; variatie in frequentie van belonen). Op de andere kazernes werden verschillende combinaties van hoeveelheid politietoezicht en publiciteit toegepast.

 

Politietoezicht en belonen even effectief

Het bleek dat politietoezicht en beloningsacties gemiddeld even effectief waren: uit gedragsobservaties bleek dat de stijging in gordelgebruik ongeveer 11-14 percentagepunten bedroeg, gemeten over een periode van vlak voor de campagne tot drie maanden na afloop van de campagne. Dus zelfs als gordelgebruik verplicht is en het gebruik van gordels al relatief groot is (aanvangspercentage van ongeveer 65%) blijken beloningen effectief te kunnen zijn. Dit gold vooral voor de individuele beloningsacties. De frequentie van belonen was niet van invloed op de grootte van het effect: het uitreiken van één of vier prijzen per week bleek even effectief. De variant met groepsbelonen en competitie was minder effectief.

 

Enquête

De campagne is ook geëvalueerd door middel van een schriftelijke enquête onder het personeel van de kazernes. Straf als maatregel om gordelgebruik te bevorderen vond meer steun bij de ondervraagde militairen dan belonen. Aangenomen kan worden dat de mening van deze specifieke groep wellicht niet representatief is voor 'de Nederlandse bevolking'. Het is wel zo dat respondenten die te maken hadden gehad met één van de beloningsacties positiever dachten over 'beloningen' dan respondenten van kazernes waar toezichtacties waren gehouden. Het lijkt er overigens op dat vooral degenen die af en toe een autogordel dragen worden beïnvloed door een beloningsactie, die hen als het ware een extra aanzet geeft tot het vaker dragen van de gordel. Degenen die nooit gordels (zeggen te) dragen lijken nauwelijks te worden gestimuleerd door beloningen.

 

Meta-analyse

In een volgend hoofdstuk van dit proefschrift worden de resultaten van een meta-analyse beschreven die is uitgevoerd om te bepalen hoe groot de korte- en lange-termijn effecten zijn van beloningsprogramma's om het gebruik van autogordels te bevorderen. De meta-analyse had tevens tot doel om variabelen te identificeren die van invloed zijn op de grootte van deze effecten. De resultaten van deze meta-analyse bevestigen conclusies uit eerdere, meer 'traditionele' literatuurstudies, dat beloningscampagnes Ieiden tot aanzienlijke verbeteringen in gordelgebruik op de korte termijn en dat lange(re)-termijneffecten over het algemeen kleiner zijn dan korte-termijneffecten, maar het gordelgebruik dan nog altijd groter is dan voor aanvang van de beloningscampagne.

 

De bevindingen van de meta-analyse laten ook zien dat de grootte van de effecten afhankelijk is van een aantal interveniërende variabelen: niet alle beloningsprogramma's zijn even effectief. Het korte-termijneffect wordt vooral bepaald door (een combinatie van) de volgende variabelen: de doelgroep van de actie, het tijdstip waarop beloningen worden uitgereikt en het beginniveau van het gordelgebruik. Kleinschalige beloningscampagnes onder min of meer homogene groepen (zoals bij werknemers van bedrijven of leerlingen en hun ouders op scholen) leiden tot betere resultaten dan grootschaliger campagnes (zoals die waar alle automobilisten in een bepaalde regio de doelgroep vormen). Het onmiddellijk uitreiken van beloningen leidt tot grotere effecten dan uitgesteld belonen (zoals bij loterijen het geval is); een combinatie van direct en uitgesteld belonen lijkt het meest effectief. Verder blijken beloningsprogramma's tot grotere effecten te Ieiden naarmate het initiële gordelgebruik lager is (hetgeen hoog correleert met de afwezigheid van de verplichting om een gordel te dragen).

 

Ook bleek dat groepsbelonen over het algemeen tot grotere effecten leidt dan individuele beloningen, maar deze variabele bleek minder stabiel dan de hiervoor genoemde. Verder bleek dat ook campagnes met een korte duur, met een kleine kans op een beloning en met kleine prijzen effectief zijn; deze variabelen waren niet gerelateerd aan de grootte van het effect. Lange-termijneffecten waren veel lastiger te relateren aan kenmerken van de campagnes.

 

Beloningsprogramma's zeer effectief

Uit het onderzoek blijkt dus dat beloningsprogramma's zeer effectief kunnen zijn om gewenst verkeersgedrag te bevorderen, met name worden op korte termijn. Dit geldt voor het bevorderen van vrijwillig gedrag, maar ook voor het stimuleren van verplicht gedrag, zoals gebleken is uit studies op het gebied van het dragen van autogordels. De effecten van beloningen zijn van dezelfde orde van grootte als die van politietoezicht. Ook zogenaamde 'uitkomst-georiënteerde' beloningsprogramma's blijken effectief, deze brengen over het algemeen een reductie in ongevallen met zich mee. Voor dergelijke beloningsprogramma's is het echter nog onduidelijk welke gedragingen tot de ongevallenreductie hebben geleid.

 

Belonen: nog veel openstaande vragen

Een aantal voordelen kan worden genoemd van het gebruik van beloningen ten opzichte van andere maatregelen, zoals politietoezicht of voorlichtingscampagnes. Het gebruik van beloningen kan bijvoorbeeld kostenbesparend zijn en wordt door het publiek over het algemeen positief gewaardeerd. Aan de andere kant lijkt het niet eenvoudig om beloningen op grote schaal structureel te implementeren. Het is de moeite waard de mogelijkheden voor grootschalige en structurele toepassingen van beloningen in het verkeer nader te bestuderen. Verder zijn er nog veel openstaande vragen met betrekking tot de effectiviteit van beloningsprogramma's voor andere gedragingen dan het gebruik van autogordels en is door een gebrek aan systematische variatie in de kenmerken van beloningsprogramma's nog onduidelijk welke vorm van belonen het meest effectief is. Op grond van de huidige kennis - ontleend aan empirische resultaten en theoretische overwegingen - wordt een aantal aanbevelingen en richtlijnen gegeven voor het opzetten van beloningsprogramma's in het verkeer.

 

Hoe verder?

Ten slotte wordt in het proefschrift kort ingegaan op praktijk- en theoretisch 'gestuurd' onderzoek. Het onderzoek op het gebied van beloningen in het verkeer kan voornamelijk als 'gestuurd door de praktijk' worden bestempeld; beloningsacties worden vaak op een ad hoc basis uitgeprobeerd als een mogelijke oplossing voor een specifiek probleem. Hoewel het onderzoek naar de effecten van beloningen op verkeersgedrag wel geïnspireerd lijkt te zijn door theoretische noties, is het over het algemeen niet gericht op het toetsen van specifieke hypotheses die zijn afgeleid uit (een bepaalde) theorie: het is niet 'gestuurd' door theorie. Aanbevolen wordt om in toekomstig onderzoek praktijk- en theoretisch onderzoek meer te combineren en te integreren dan tot nog toe het geval is; verondersteld wordt dat dit tot vruchtbaardere resultaten zal leiden.

SWOVschrift 78 - maart 1999

Thema's kennisbank