Rijden onder invloed van drugs en psychoactieve geneesmiddelen levert gevaar op voor de verkeersveiligheid. Vooral het gelijktijdig gebruik van alcohol en drugs en van de combinatie van verschillende drugs leidt tot een sterke risicoverhoging. Combinatiegebruik komt vooral onder jonge mannen voor.
Er zijn aanwijzingen dat in Nederland het drugsgebruik onder verkeersdeelnemers groeit. Net als alcohol worden drugs vaker in weekendnachten gebruikt dan in de rest van de week. Bij onderzoek in Tilburg en omstreken werd in weekendnachten bij 10% van de bestuurders drugsgebruik geconstateerd, tegenover 7,5% in doordeweekse nachten. Volgens dit onderzoek had ongeveer 3% van de automobilisten de geneesmiddelen benzodiazepines en codeïne gebruikt.
Anders dan voor alcohol, gelden in Nederland (nog) geen wettelijke limieten voor drugs en geneesmiddelen. Net als voor alcohol zou een dergelijke limiet bij voorkeur gebaseerd moeten zijn op feitelijke informatie over de risico's bij verschillende concentraties en combinaties. Naar verwachting zal het echter nog wel even duren voor er een goed onderbouwd, geaccepteerd en werkbaar stelsel van risicogerelateerde limieten is. Zolang dat nog niet het geval is, is een nullimiet te overwegen.
Verder is het belangrijk dat de politie kan beschikken over voldoende menskracht en voldoende betrouwbare en bruikbare middelen om de limieten te handhaven. Met name speekseltesters zijn de laatste jaren sterk in ontwikkeling en lijken het meest geschikt voor de selectie van drugsgebruikers in het verkeer. Aanvullend bewijs kan dan bijvoorbeeld komen uit een bloedproef. Voor rijgevaarlijke geneesmiddelen kan goede voorlichting door artsen en apothekers aan individuele patiënten bijdragen aan een oplossing van het probleem.
Voor meer details: Factsheet Rijden onder invloed van drugs en medicijnen (pdf)