In 2012 werkt de SWOV met de volgende elf clusters:
De activiteiten in dit cluster zijn erop gericht om de verkeerveiligheidsprofessional binnen én buiten de SWOV te voorzien van hoogwaardige en gemakkelijk toegankelijke informatie. Het gaat hier om het beheer, het ontsluiten en delen van kennis en informatie.
Het publiceren van SWOV-rapporten, de SWOV-website, externe communicatie en educatieve activiteiten: ze zijn allemaal gericht op een goede doorwerking van SWOV-kennis, zodat het een bijdrage vormt aan de bevordering van de verkeersveiligheid in Nederland en daarbuiten.
Het onderzoek binnen dit cluster richt zich op het analyseren van de huidige ontwikkeling in verkeersonveiligheid en het doen van prognoses voor de toekomst. De resultaten zijn vooral bedoeld ter voorbereiding, monitoring en evaluatie van het verkeersveiligheidsbeleid.
Dit cluster beschrijft de activiteiten die de SWOV uitvoert om de verkeersveiligheid in kwantitatieve termen in beeld te kunnen brengen en te onderzoeken. We meten de verkeersonveiligheid en de factoren die dit beïnvloeden en hoe sterk die beïnvloeding. Die kennis is bedoeld als input voor beleidsvorming.
De onderzoeken binnen dit cluster zijn vooral gericht op decentrale overheden en/of politie en justitie. Onderzoek op het gebied van Decentraal beleid gaat over de regievoering en strategische beleidsvraagstukken van decentrale overheden.
Verkenningen naar meer samenwerkingsmogelijkheden om verkeersveiligheidsambities en -prioriteiten voldoende afgestemd te krijgen biedt kansen, juist nu politie en justitie reorganiseren. Het einddoel is een Effectieve verkeershandhaving.
Ook doet de SWOV onderzoek naar de Effecten van soort en zwaarte straf. Ervaringen met handhaving in de kleine, niet verkeersgerelateerde criminaliteit en de rol van publieke opinie worden in het onderzoek meegenomen.
Het cluster Veiliger Wegen is gericht op onderzoek naar de relatie tussen weginfrastructuur en verkeersveiligheid met specifiek aandacht voor 50 en 80km/uur wegen en daarbij ook de kwetsbare verkeersdeelnemers. Dit onderzoek moet resulteren in wetenschappelijke kennis om ontwerpkeuzes beter te kunnen onderbouwen, passende oplossingen en maatregelen voor de onveilige 50 en 80km/uur gebiedsontsluitingswegen, en systemen om de verkeersveiligheid en ontwerpkwaliteit van het wegennet te optimaliseren.
Het onderzoek binnen dit cluster richt zich op de verdere toename van het gebruik van ITS en coöperatieve systemen en de opkomst van elektrische voertuigen. Ook wordt er onderzoek gedaan naar gemotoriseerde tweewielers en goederenvervoer.
In dit cluster staat de verkeersdeelnemer centraal in samenhang met de weg, het voertuig en de medeweggebruikers. Het onderzoek richt zich op verkeersdeelnemers die niet (nog niet of niet meer) veilig aan het verkeer kunnen deelnemen, zoals kinderen, adolescenten, ouderen, ongevalsbetrokkenen en veelvuldige overtreders. Ook vindt er onderzoek plaats naar tijdelijke en chronische beperkingen die de rijgeschiktheid zoals, vermoeidheid, afleiding en fysieke, cognitieve, neurologische en (neuro)psychologische kenmerken of aandoeningen.
De SWOV analyseert waarom Duurzaam Veilig wel aantoonbaar effectief is geweest in het reduceren van het aantal verkeersdoden maar niet in het aantal verkeersgewonden. Er wordt onderzoek gedaan naar: Sociale vergevingsgezindheid, Herkenbaarheid, Automatisch gedrag, een pilotstudie naar informele educatie en Duurzaam Veilig en ernstig verkeersgewonden.
"Hoe kunnen fietsers ondanks hun grote fysieke kwetsbaarheid, toch op een veilige manier aan het verkeer deelnemen?". Die vraag staat centraal binnen het cluster Fiets. Om die vraag te beantwoorden is er onderzoek nodig naar de sterke en zwakke punten van fietsers, de fiets als voertuig, de interactie met overige verkeersdeelnemers en de invloed van de fietsomgeving.
In het Programma 2012 is tijd ingeruimd om bestaande kennis te vertalen naar antwoorden op actuele vragen.